Ingezonden brief n.a.v. Column “Geschiedenis” van Ileen Montijn op de Achterpagina van NRC d.d. 17 maart jl.
"Historische correctheid in de politieke Aanpak Zeehondenjacht in Andere Tijden".
Historische en politieke correctheid gebieden zekere aanvulling op de ererol die mw. May-Weggen zichzelf, 25 jaar na dato, meent te moeten toebedelen in de aanpak van de zeehondenjacht in het Europees Parlement. Thans o.m. door het opvoeren van een gesprekje met haar dochtertje indertijd en wat plakboeken te noemen.
De werkelijke eer komt m.i. toe aan tal van actievoerders toentertijd, ondermeer al diegenen die honderdenduizenden handtekeningen in Nederland hebben ingezameld tegen de zeehondenjacht en deze zelf in Straatsburg in het Europees Parlement aan ondergetekende zijn komen aanbieden. Aansluitend heb ik als Europarlementarier daarop concrete voorstellen voor Europese maatregelen tegen die jacht ingediend in het Europees Parlement, die helaas wegens het tegenstemmen door de Christendemocratische fractie van dezelfde mw. May toen geen meerderheid hebben gehaald. Wie schetst niet alleen mijn verbazing, toen in een volgende zitting van het Europees Parlement die fractie bij monde van mw. May met inhoudelijk nagenoeg dezelfde soort voorstellen aan kwam zetten en toen wel voorstemde. Met deze handelswijze, die juist leidde tot onvruchtbare politisering en nadelig uitstel van de beoogde maatregelen, kunnen zij toch moeilijk beweren de aanpak van die jacht een dienst te hebben bewezen. Ook andere – Nederlandse - collega’s in het Europees Parlement hebben zich indertijd geergerd aan deze vertoning van mw. May.
De inzet van het Europees Parlement heeft gelukkig wel tot het gewenste resultaat geleid dat de handel en daarmee de jacht op het zeehondenbont voor Europa binnen afzienbare tijd tot het verleden ging behoren.
Van deze gelegenheid maak ik alvast ook maar gebruik om voor een mogelijk toekomstig “historische terugblik”, bijv. tav het initiatief tot een Europees Innovatiebeleid dat in diezelfde periode speelde, en welke voorstellen van ondergetekende eveneens hetzelfde lot ondergingen door toedoen van de Christendemocratische fractie in het Europees Parlement, historische incorrectheid voor te zijn. Dit mede in het licht van de actualiteit van de nodige Europese maatregelen voor het realiseren van de “Lissabon “ doelstellingen ter bevordering van innovatie en kenniseconomie.
Mr. Suzanne Dekker
Vml. Lid Europees Parlement
D66 kandidaat Europees Parlement
Amsterdam.